Waarom Souvignier Gris en Johanniter?

Wie voor het eerst tussen de rijen doorloopt, herkent de namen vaak niet meteen.
Geen Chardonnay. Geen Sauvignon Blanc.

Hier groeien Souvignier Gris en Johanniter.

Dat is geen toeval. En het is al helemaal geen compromis.

Deze rassen behoren tot de zogenoemde PIWI-druiven. Dat staat voor pilzwiderstandsfähig: beter bestand tegen schimmels. Ze zijn ontstaan uit gerichte kruisingen tussen klassieke Europese druiven en rassen die van nature sterker zijn tegen meeldauw en andere schimmelziekten. Geen genetische manipulatie, maar klassieke veredeling. Selecteren, kruisen, jarenlang testen.

Het doel was niet om iets “anders” te maken.
Het doel was om iets beters passend te maken voor het klimaat waarin het groeit.

En in Nederland is dat geen detail.

Ons klimaat vraagt om druiven die veerkracht hebben. Die niet bij elke natte periode onder druk staan. Die minder afhankelijk zijn van ingrijpen. Rassen die niet alleen rijpen als alles meezit, maar ook overeind blijven als het seizoen grillig is.

Johanniter geeft frisse zuren, citrus, soms iets kruidigs. Helder en precies. Met spanning in het glas.
Souvignier Gris is ronder, voller, met rijp fruit en structuur. Hij heeft body zonder zwaar te worden.

Samen vormen ze geen alternatief voor iets anders.
Ze vormen een eigen stijl.

Wijnbouw verschuift. Klimaat verandert. Wat vroeger randgebied was, wordt serieuzer genomen. Rassen als deze lopen daarin niet achter — ze lopen vooruit.

Wij hebben de wijngaard overgenomen zoals hij was aangeplant. Maar hoe langer we hier werken, hoe duidelijker het wordt: deze druiven horen hier. Ze dragen het seizoen. Ze reageren op wat het jaar brengt. Ze laten deze plek spreken.

Wie hier tussen de ranken staat, merkt het vanzelf.
Deze druiven horen hier.
En dat proef je.

In een eerdere blog schreven we over veelvoorkomende misverstanden rond Nederlandse wijn. Die context helpt om deze rassen beter te begrijpen.

👉 Nederlandse wijn: 5 misverstanden ontkracht